Naar de kaart

Joodse school Alkmaar

Hofstraat 15

Na de zomervakantie van 1941 maakte de bekend dat joodse kinderen niet langer school mochten gaan met de andere leerlingen. Ze moesten worden geplaatst op aparte, daartoe opgerichte joodse scholen; dat moest ook in Alkmaar gebeuren.
 van Kinschot liet daarom nagaan hoeveel leerplichtige leerlingen van  bloede er in zijn gemeente waren, opdat hij over de oprichting van zo’n school kon beslissen.

In die tijd woonden er in Alkmaar op een bevolking van  27.000, zo’n 200 joden; mannen, vrouwen en kinderen, waarvan er 22 waren. Twaalf van hen zat op een van de zeven Alkmaarse openbare lagere scholen en dat vormde dus een probleem voor de gemeente. Er kon voor dat kleine aantal onmogelijk een afzonderlijke school worden gesticht en inhuizing bij een bestaande school, dat had de bezetter ondertussen verboden.
Maar die kinderen moesten natuurlijk wel naar school, zoals de bezetter in het bevel van 8 augustus had bepaald:  ‘Es muss verhindert werden, dass durch die Ausführung dieser Weisung jüdische Kinder über die normale Ferienzeit hinaus länger als etwa vier Wochen unbeschult bleiben.’

Ondertussen was de druk op de burgemeester toegenomen omdat ook uit de kleinere omliggende gemeenten, zoals Heiloo, Bergen en zelfs den Helder, joodse kinderen waren aangemeld voor een Alkmaarse joodse school. De burgemeester nam daarom contact op met de Secretaris-generaal van het van Opvoeding in den Haag, die namens de bezetter de regie had over de stichting van de nieuwe joodse scholen in het land.
Die had inmiddels een aantal steden aangewezen waar zo’n nieuwe joodse school gevestigd kon worden, omdat daar tenminste 40 joodse kinderen aanwezig waren. Buiten Amsterdam betrof dat zo’n 30 plaatsen, waar uiteraard Alkmaar niet tussen stond.
De zorgen van de burgemeester betroffen in de eerste plaats de kosten die de gemeente zou moeten maken voor het aanstellen van een onderwijzer en de huur van een afzonderlijk lokaal. Secretaris-generaal van Dam kwam niet verder dan de burgemeester te berichten dat hij geen bezwaar had ‘indien u uw medewerking wilt verleenen aan de stichting van een Joodsche lagere school’  maar over de vergoeding van de kosten wilde hij geen uitspraak doen.

Hoe het precies in zijn werk ging, is helaas niet meer te achterhalen (althans tot nu toe) maar waarschijnlijk is dat de burgmeester vervolgens in gesprek is gegaan met het bestuur van de Gemeente in Alkmaar en feitelijk de zorgen voor die joodse lagere school leerlingen neerlegde bij dat bestuur van de plaatselijke Synagoge aan de Hofstraat. Nogal wat ouders van de uitgesloten leerlingen had immers een directe band met die kerkgemeenschap.

Ondertussen was het eind november en de kinderen zaten nog steeds thuis, zonder onderwijs. Waarop het bestuur van de Israëlitische gemeente ingreep en het godsdienstlokaal naast de Synagoge aan de Hofstraat beschikbaar maakte en onderwijzer Jacques Elion [1907-1963] uit den Helder aantrok.
Het schooltje begon aldoende op 1 december 1941, met meester Elion en vijftien leerlingen. Maar nauwelijks een maand later vertrok de meester weer – naar Haarlem, om aldaar de benoeming hoofd van de Haarlemse Joodse lagere school te aanvaarden.
Toen bleek dat de vader van een van de leerlingen, de sigarenhandelaar Salomon Emanuel Leuw [1896-1943], lid van het Synagoge-bestuur, ooit zijn onderwijzersdiploma had gehaald en zonder gemor de vrijgekomen taak voor de joodse leerlingen over wilde nemen; het waren er ondertussen 17. Het bestuur van de Israëlitische Gemeente haastte zich vervolgens hem aan te stellen per 12 januari 1942. Waarschijnlijk deed Salomon het kosteloos.

Behalve die lagere schoolkinderen waren er in Alkmaar ook zo’n 9 joodse leerlingen opgegeven die in het vervolgonderwijs zaten ; 5 op de Gemeentelijke Handelsschool; 3 op de Rijks en eentje op het Murmellius gymnasium, die was echter al niet meer leerplichtig, net als eentje op de Hbs. Beide hielden het schoolgaan misschien wel voor gezien, terwijl de andere zeven, vanaf de dag dat ze op hun school geweigerd werden, elke dag de trein naar Haarlem namen om aldaar het Joods Lyceum te bezoeken.

Alles bij elkaar heeft dat niet lang kunnen duren; op 3 maart 1942 kregen alle joodse gezinnen in Alkmaar een brief van de Joodsche Raad uit Amsterdam, met namens de bezetter, het bevel dat ze ‘op 5 maart 1942 des ochtends hun woning moesten verlaten, met de bedoeling die dag naar Amsterdam te verhuizen, om zich aldaar te vestigen.

Die donderdag de 5e maart stond er op het station een speciale trein gereed, die de hele Alkmaarse joodse bevolking naar de hoofdstad transporteerde, ja ze moesten zelf het treinkaartje kopen, dat wel.

 Het was een winterse dag. Het sneeuwde, het vroor vijf graden en er stond een snijdende oostenwind. Op die ochtend stonden er tussen 08.10 en 10.30 uur zo’n vijftig joodse gezinnen, mannen, vrouwen en kinderen, thuis te wachten op de Alkmaarse politie. Bij hun komst werd de bagage gecontroleerd, de huissleutels overgedragen en de woningen verzegeld. Vanuit alle hoeken van de stad stroomden groepjes joden bepakt en bezakt naar de verzamelplek voor het politiebureau op het Kerkplein. Vandaar trok de stoet door de Gasthuisstraat, over de Bergerbrug de Geesterweg op om via het Scharloo en de Stationsweg het station te bereiken.

Eenmaal in Amsterdam gevestigd zullen al die kinderen een plaatsje hebben kunnen krijgen op een van de nieuwe (of bestaande) joodse scholen in Amsterdam; van die ene leerling van het Gymnasium en twee van de Hbs kom ik de naam tegen bij het Amsterdams Joods Lyceum.

En dan nog dit

Het is mijn bedoeling dat in 2025 op alle plekken waar in 1941-1943 een joodse school gevestigd was (lager onderwijs; ulo; lyceum) een klein herinneringstegeltje komt met een QR-code die leidt naar de website-pagina die over die plaats en school (scholen) gaat.
Het is niet makkelijk voor mij, om vanuit Amsterdam waar ik woon, dat voor elkaar te krijgen.
Daarom vraag ik medewerking van iedereen die zich betrokken voelt bij een stad in de Mediene en/of de geschiedenis van een van de Verdwenen Joodse Scholen.

Voel je je aangesproken ? Neem dan alsjeblieft contact met mij op via aart@verdwenen-joodse-scholen.nl

Dat geldt ook als je specifiek iets willen weten of als je informatie hebt over een van de joodse scholen in Nederland – in de periode 1941-1943.